In het Nationaal Holocaustmuseum in Amsterdam wordt de geschiedenis van de Jodenvervolging in Nederland verteld. De vaste tentoonstelling is opgebouwd rond 12 thema’s. Daarbinnen behandelt één thema het leven voor de oorlog, gevolgd door tien thema’s over de Sjoa, en de tentoonstelling wordt afgesloten met een laatste thema over het leven na de oorlog.
Inhoudsopgave
Ligging
Het Nationaal Holocaustmuseum is gevestigd aan de Plantage Middenlaan, midden in het Joods Cultureel Kwartier (JCK) in het centrum van Amsterdam, vlakbij het Waterlooplein.
Geschiedenis
In het Nationaal Holocaustmuseum maakt u kennis met de geschiedenis van de Holocaust. Een geschiedenis van uitsluiting, vervolging en moord. Maar ook van redding, overleving en solidariteit. Het Nationaal Holocaustmuseum is onderdeel van het Joods Cultureel Kwartier, waar ook het Joods Museum en Joods Museum junior (voor kinderen tot ongeveer 12 jaar), de Portugese Synagoge en de Hollandsche Schouwburg deel van uitmaken.
Aan de overkant van de straat, in de Hollandsche Schouwburg, werden Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog verzameld voordat ze naar concentratiekampen werden gebracht. Hun kinderen verbleven in de crèche naast de kweekschool. Vanuit de schouwburg zijn 46.000 Joden op transport gesteld. Deze plek staat voor de ellende. Het gebouw aan de overkant, de voormalige kweekschool, staat voor de redding.
Vanuit het Nationaal Holocaustmuseum en de Hollandsche Schouwburg werden mensen gedeporteerd en vonden reddingsacties plaats. De plek wat nu het het Nationaal Holocaustmuseum is, was in de Tweede Wereldoorlog de crèche. De crèche stond vanaf 1926 onder leiding van directrice Henriëtte Henriquez Pimentel. Hier werden Joodse en niet-Joodse kinderen ondergebracht en verzorgd. Ook het personeel was gemengd. Jonge vrouwen konden er intern een opleiding tot kinderverzorgster volgen. Tijdens de oorlog, in 1941, werd het niet-Joodse personeel ontslagen. In oktober 1942 werd het gebouw van de crèche gevorderd als dependance van de Hollandsche Schouwburg. De functie van de crèche veranderde. Er werden vanaf oktober 1942 kinderen tot dertien jaar oud opgevangen. De kinderen moesten gescheiden van hun ouders de deportatie afwachten. De Duitsers dachten dat kinderen voor onrust zouden zorgen. Het was voor ouders moeilijk om gescheiden van hun kinderen te zijn.
Walter Süskind werd het hoofd van het joodse personeel van de schouwburg. Hij wist het vertrouwen van de Duitsers te winnen, maar hij maakte intussen gebruik van zijn positie door gevangenen uit de Hollandse Schouwburg te laten ontsnappen en joodse kinderen weg te laten halen uit de crèche aan de overkant. De ouders zaten in de Hollandsche Schouwburg, maar de Duitsers vonden dat geen geschikte plek voor de kinderen. Zij werden naar de overkant gebracht en dus gescheiden van hun ouders. Tijdens het transport van de Hollandsche Schouwburg naar de gereedstaande treinen voor deportatie naar Westerbork en verder werden de ouders weer herenigd met hun kinderen. Walter Süskind kon door zijn vele contacten makkelijk aan sterke drank komen, die hij aan Aus der Fünten gaf. Die was soms zo dronken, dat Walter Süskind in de gelegenheid was om persoonskaarten te ontvreemden en de sporen van de ontsnapte gevangenen uit te wissen. Een mooi staaltje van verzet tegen de bezetter. Walter Süskind, verzetsman Joop Woortman en Henriëtte Pimentel ontwikkelden een ontsnappingsroutes voor kinderen uit de crèche. Aan het begin werden baby’s gesmokkeld in tassen of iets anders draagbaars en op het Centraal Station overgedragen aan verzetsmensen. Vier illegale groepen van kinderwerkers hebben kinderen uit de crèche ondergebracht en gered. Zij zorgden dan voor onderduikplaatsen op andere plekken in Nederland, vooral in Limburg en Friesland. De kinderen verdwenen uit de crèche in wasmanden, tassen, ‘verdwenen’ tijdens wandelingen, via tuinen, met de tram en via de naastgelegen Hervormde Kweekschool en andere aangrenzende panden. De ontsnappingsmethodes waren eerst omslachtig en zeer gevaarlijk, maar gaandeweg werden ze efficiënter, zij het nog altijd heel riskant. Als de tram pal voor de Hollandsche Schouwburg bij de tramhalte stopte, hadden de Duitse bewakers vanuit de schouwburg geen zicht op de crèche. Op dat moment werden regelmatig Joodse kinderen razendsnel naar de Kweekschool gebracht, waarna ze door het verzet elders in veiligheid werden gebracht. In totaal ontsnapten 600 kinderen vanuit de crèche. Dit is bekend gebleven als de kindersmokkel Hollandsche Schouwburg.
Op 26 juli 1943 werden alle kinderen en medewerkers uit de crèche opgepakt en gedeporteerd, ook directrice Henriëtte Pimentel werd gedeporteerd naar Westerbork en vandaar verder. Zij werd op 17 september 1943 in Auschwitz vermoord. Drie kinderverzorgsters namen het werk over: Betty Oudkerk, Sieny Cohen-Kattenburg en Virrie Cohen. Virrie Cohen had de leiding. Het smokkelwerk ging onverminderd door. Bijna dagelijks werden kinderen door één van de vier ondergrondse groepen opgehaald. De crèche werd op 29 september 1943 definitief ontruimd. De Joodse Raad werd opgeheven en alle medewerkers werden gedeporteerd naar Westerbork. Betty Oudkerk, Sieny Cohen-Kattenburg en Virrie Cohen overleefden de oorlog door onder te duiken.
Op 10 maart 2024 is het Nationaal Holocaustmuseum door Koning Willem-Alexander geopend.

Het gebouw
Het Nationaal Holocaustmuseum is gevestigd in een historisch gebouw, nl. de voormalige Hervormde Kweekschool, een plek waar docenten werden opgeleid. Het bakstenen metselwerk van de entree van het museum is geïnspireerd op de Amsterdamse school. Op de plek waar vroeger de crèche stond, staat nu het blauwe gebouw. De voormalige directeurswoning is links op de plek waar nu de entree van het museum is. Deze woning werd gesloopt en is gekoppeld aan de voormalige kweekschool. De oude klaslokalen in de voormalige kweekschool zijn nu de tentoonstellingsruimtes.

Wat is er te zien in het Nationaal Holocaustmuseum in Amsterdam
Panden
Het Nationaal Holocaustmuseum bestaat uit twee panden met een beladen geschiedenis:
- De voormalige kweekschool en directeurswoning waar de kinderen uit de naastgelegen crèche werden weg gesmokkeld voor de onderduik.
- De Hollandsche Schouwburg, waar opgepakte Joden werden verzameld voor transport naar de doorgangs- en vernietigingskampen.
Dit artikel gaat over de voormalige kweekschool.
Lees meer: Hollandsche Schouwburg in Amsterdam
Nationaal Holocaustmuseum
Het Nationaal Holocaustmuseum is het enige Holocaustmuseum ter wereld waar zich een deel van de Holocaust daadwerkelijk heeft afgespeeld. In het Nationaal Holocaustmuseum staan Joden uit bezet Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog centraal. Ze werden door de nazi’s op grote schaal vervolgd en vermoord. Niet alleen in Nederland maar in heel Europa werden ongeveer zes miljoen Joden omgebracht en hun gemeenschappen en cultuur systematisch verwoest. Deze gebeurtenissen staan bekend als de Holocaust, of Sjoa, het Hebreeuwse woord voor catastrofe. De nazi’s vervolgden en vermoordden niet alleen Joden, maar ook Jehova’s getuigen, verzetsstrijders, Roma en Sinti en homoseksuelen.
De bewuste keuzes van mensen werden gevoed door een intense Jodenhaat. De oorlog vormde een dekmantel om Joden te kunnen discrimineren, isoleren, beroven, verarmen, uitbuiten, deporteren en uiteindelijk vermoorden. In het museum ziet u welke maatregelen en mensen hierbij een rol speelden. U ziet, hoort en leest persoonlijke verhalen en ervaringen en de gevolgen voor de levens van de mensen die vervolgd werden.
Het museum bestaat uit drie verdiepingen. De tentoonstelling begint op de bovenste verdieping. Hier ziet u hoe de Jodenvervolging in Nederland op nationaal niveau begon. Via de oude trap daalt u af naar de andere verdiepingen over de Amsterdamse geschiedenis en ziet u wat zich tijdens deportaties en in de concentratiekampen afspeelde en op de begane grond ziet u wat er in de kweekschool zelf gebeurde. In de tuin, naast de voormalige crèche, staan portretten van kinderen die na deportatie niet overleefden. Er staat een foto van crèchedirecteur Henriëtte Pimentel, die ervoor zorgde dat 600 kinderen over deze schutting werden getiteld en via de nabijgelegen gang zijn weg gesmokkeld voor onderduik.
De tentoonstelling opent met de beroemde foto van het jongetje Siem Maandag, dat in het net bevrijde concentratiekamp Bergen-Belsen langs de grotendeels ontblote lichamen van vermoorde kampgevangenen loopt. Koude rillingen krijg ik er van als ik die foto zie. Zo’n klein kind dat dit moet zien en meemaken.
In het Nationaal Holocaustmuseum ziet u meer dan 400 objecten in ruim 80 vitrines, 126 objecten in bruikleen waarvan 28 uit het buitenland, 140 schenkingen waarvan 14 uit het buitenland en ruim 300 foto’s en filmbeelden. Indrukwekkend is de cartotheek van De Joodse Raad, tientallen kaartenbakken met van alle Nederlandse Joden hun naam- en adresgegevens. Van deze Nederlandse Joden is 75 procent vermoord. Het registratiesysteem is een van de meest schrijnende objecten, omdat overijverige ambtenaren met dit systeem de nazi’s de gewenste gegevens gaven om de joden op te pakken en te deporteren.
Het Nationaal Holocaustmuseum (en de Hollandsche Schouwburg) laat de geschiedenis van de Jodenvervolging in Nederland zien. U ziet twee belangrijke informatielagen:
- De vervolgden:
De vervolgden krijgen een gezicht, een stem en hun verhaal wordt verteld aan de hand van persoonlijke voorwerpen. Er is gekozen voor een presentatie waarin niet zozeer de massaliteit van het aantal slachtoffers leidend is, maar hun individuele en unieke verhalen. Begrijpen wie de vervolgden waren is het doel van deze aanpak. - Het systeem waarin de Holocaust kon plaatsvinden:
Welke systematiek hebben de nazi’s toegepast om een maatschappij te vormen waarin deze massale moord kon gebeuren? Welke maatregelen maakten het mogelijk dat Joden stap voor stap werden gediscrimineerd, geïsoleerd, gedeporteerd en uiteindelijk vermoord? Deze laag biedt een tijdlijn.

12 thema's
De vaste tentoonstelling is opgebouwd rond 12 thema’s. Daarbinnen behandelt één thema het leven voor de oorlog, gevolgd door tien thema’s over de Sjoa, en afgesloten met een laatste thema over het leven na de oorlog. Elk thema wordt ingeleid met een tekst op een bord en met de audiotour hoort u nog meer informatie.
Verwoest leven:
Joden uit bezet Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog staan centraal in het museum. In Europa werden ongeveer zes miljoen Joden vermoord en hun gemeenschappen en cultuur systematisch verwoest. Het waren niet alleen Joden die vermoord en vervolgd werden, ook verzetsstrijders, Roma en Sinti, Jehova’s getuigen en homoseksuelen.
Vooravond:
Aan de vooravond van de Duitse invasie op 10 mei 1940 waren er ongeveer 200 bloeiende Joodse gemeenten in Nederland. Ruim de helft van de 140.000 Joden woonde in Amsterdam. Joden en niet Joden hadden hier dezelfde rechten. Duitsland werd na de benoeming in 1933 van Hitler tot Rijkskanselier een dictatuur. De Duitse Joden sloegen op de vlucht omdat ze belaagd en vervolgd werden. Nederland was niet goed voorbereid op de oorlog en bezetting.
Bezet:
Het Nederlandse leger streed vanaf 10 mei 1940 vijf dagen lang om de invasie te stoppen. Er sneuvelden 2000 Nederlandse militairen en 2500 burgers. De koningin en kabinet vertrokken naar Londen. Na het bombardement van Rotterdam op 15 mei 1940 en de overgave van het Nederlandse leger was Nederland bezet door de Duitsers.
Isolement voltooid:
De nazi’s stelden eerst vast via zij als Jood beschouwden. Daarna werden alle Joden gedwongen zich te registreren bij de gemeente. De Duitsers voerden in hoog tempo uitsluitende en discriminerende maatregelen in op het gebied van school, sport en winkels. De Duitsers beperkten de bewegingsvrijheid van de Joden, onteigende hun bedrijven en roofden hun eigendommen.


Daderschap:
De ideeën van de nazi’s werden radicaler en ze begonnen na te denken of massamoord. Veel daders uit de vernietigingskampen hadden al eerder ervaring opgedaan want de eerste gaskamers dateren al van 1939. Ook Nederlanders werden soms vervolger, Jodenjager of kampbewaker. Ongeveer 25.000 Nederlanders meldden zich bij de Waffen-SS, het Duitse eliteleger. Ook zij vermoorden Joden.
De moord begint:
Alles was er op gericht om Europa ‘Jodenvrij’ te maken. De Joden werden opgesloten in getto’s en in werkkampen. Vanaf 1942 werden de Joden in de gaskamers vermoord. De vernietigingskampen stonden in Polen. Bekende kampen zijn Auschwitz en Sobibor. Vanuit Nederland werden de Joden vanaf verschillende doorgangskampen, zoals Westerbork en Vught, gedeporteerd.

Uit het zicht:
De Joden wisten niet wat deportatie betekende. De Duitsers brachten het als tewerkstelling in gezinsverband. Ongeveer 28.000 Joden doken onder. Dit was gevaarlijk. Altijd lag het gevaar op verraad en ontdekking op de loer. 16.000 Joden overleefden de oorlog.
Geen weg terug:
Veel Joden werden naar doorgangskamp Westerbork gedeporteerd. Joden werden per post opgeroepen, thuis of op straat opgepakt, opgepakt tijdens arrestaties of razzia’s. Waardevolle spullen hadden ze al af moeten staat. Na hun vertrek werden hun woningen leeggehaald en inboedels werden naar Duitsland gestuurd.

Klem:
Vanaf 1 juli 1942 was Kamp Westerbork een doorgangskamp. Joden werden vanuit heel Nederland naar Drenthe gebracht. In Amsterdam was de Hollandsche Schouwburg de verzamelplaats. Bij aankomst werden de Joden geregistreerd en in een barak gehuisvest. Nederlandse militaire politie en SS’ers bewaakten Westerbork. Later werd ook kamp Vught gebouwd.
Moord:
Vanuit Westerbork en Vught werden Joden naar concentratiekampen en vernietigingskampen gedeporteerd. De reis duurde 2-3 dagen en nachten. Vaak werden ze in goederenwagons vervoerd. Bij aankomst in het kamp werden Joden vernederd en ontmenselijkt. Alles werd hun afgenomen: menselijke waardigheid en bezittingen. Veel Joden werden direct vergast.

Einde van de oorlog:
Op 8 mei 1945 gaven de Duitsers zich over. De Joden werden bevrijd. Ze werden geconfronteerd met een onvoorstelbaar groot verlies van familie en geliefden. Bij terugkomst in Nederland wachtte een ijskoude ontvangst. Antisemitisme was na de oorlog alleen maar toegenomen. Er was geen belangstelling voor hun verhalen.
Uit de schaduw:
Na de oorlog trad de Joodse gemeenschap langzaam uit de schaduw van de Sjoa. Er volgde een strijd om verweesde kinderen, bezittingen en bestraffing van oorlogsmisdadigers. Een deel van de Joden verhuisde naar het buitenland. Er kwam meer erkenning voor de ervaringen van Joden. Er lopen nu, 80 jaar na het einde van de oorlog, nog steeds zaken over roof en restitutie, over erfpacht en belasting, over excuses en compensatie. Naoorlogse generaties voelen nog altijd de gevolgen van de oorlog.

Misdadenbehang
Heel indrukwekkend zijn de wanden van de tentoonstellingszalen. Vanaf plafond tot aan de plinten leest u teksten vol anti-Joodse maatregelen. Deze maatregelen werden door de Duitse bezetter vanaf mei 1940 uitgevaardigd. Doel: Joden te discrimineren, isoleren, beroven en deporteren. De maatregelen werden vaak vastgelegd als verordeningen, beschikkingen of instructies en hadden allemaal de kracht van wet. De bezetter verplichtte op deze manier dat Joden zich lieten registreren (1941) en de Jodenster moesten dragen (1942). Dit ‘misdadenbehang’ biedt een zo volledig mogelijk overzicht van alle anti-Joodse maatregelen in Nederland.

Vergeet-me-nietjes
Aan het eind van de tentoonstelling ziet u een kartonnen lijstje met drie pasfoto’s van vader, moeder en zoon, drie anonieme slachtoffers en de oproep ‘Vergeet ons niet! Dit was de inspiratie voor de ‘Vergeet-me-nietjes’ die u in het hele museum tegenkomt. In totaal zijn er negentien uniek vormgegeven vitrines, met één mensenleven dat centraal staat. Dit kan zijn met een persoonlijk voorwerp, een portretfoto of -video, een korte tekst en audiofragment kleurt een Vergeet-me-nietje het leven van een Holocaustslachtoffer weer in.
Het Nationaal Holocaustmuseum vraagt u om niet alleen te herinneren, maar ook actief bij te dragen aan een rechtvaardigere wereld. U wordt bewust van het systeem dat van mensen slachtoffers maakte. U wordt uitgenodigd deze slachtoffers weer als mensen te zien. Door uw kennis te vergroten en met elkaar in gesprek te gaan over recht, onrecht, uitsluiting en democratie leert u van het verleden en over het heden. U wordt u bewust van hun handelingsperspectief en leren adequaat te reageren op antisemitisme, vooroordelen en discriminatie. Ze leren verschillig te zijn.

Slaapzaal van de Kweekschool
In de slaapzaal van de Kweekschool sliepen kinderen als de Joodse crèche overvol raakt. Ze moesten wel geregistreerd zijn door de Duitsers. In deze ruimte ziet u projecties van de personen, zoals Walter Süskind (de Joodse beheerder van de Hollandsche Schouwburg), Henriëtte Pimentel (de Joodse directeur van de crèche) en Johan van Hulst (de directeur van de Kweekschool), die de kinderen hielpen om uit handen van de Duitsers te blijven.

De vluchtgang
Via de deur aan het einde van de gang konden kinderen wegvluchten als de tram de bewakers voor de Hollandsche Schouwburg aan het zicht onttrok. Om te overleven moeten de kinderen alles achter zich laten. Hun ouders, hun familie en hun Joodse identiteit. Een projectie van voetstappen, een symbolische lichtpoort en een soundscape maken de betekenis van de vluchtgang nu voelbaar.
Buitenruimte van het Nationaal Holocaustmuseum
In de schooltuin van het Nationaal Holocaustmuseum is een kunstwerk te zien van kunstenaar en uitvinder Gabriel Lester. Dit Dankteken is een dankbetuiging aan onderduikgevers van Joden. Het werk is aangeboden door de Stichting Nationaal Dankteken. Naast het kunstwerk staat een olijfboom die refereert naar de olijfbomen in het Holocaustmuseum Yad Vashem in Jeruzalem, geplant ter ere van de rechtvaardigen onder de volkeren.
Henriette Pimentel-tuin
De Henriette Pimentel-tuin is vernoemd naar de directrice van de crèche. Hier bevindt zich de erfafscheiding tussen de crèche aan de ene kant en de kweekschool aan de andere kant. In de tuin ziet u glazen portretten van vermoorde Joodse kinderen uit de crèche. Voorop gaat directrice Henriëtte Pimentel, die ervoor gezorgd heeft dat honderden kinderen van deportatie gered zijn. Binnen worden verhalen verteld over geredde kinderen. Een deel van hen werd over de erfafscheiding en op andere manieren gesmokkeld.

Interessante boeken
Vooraf aan mijn bezoek aan het Nationaal Holocaustmuseum en de tegenover gelegen Hollandsche Schouwburg heb ik veel gelezen over het drama dat zich hier heeft afgespeeld. Het is niet voor te stellen wat zich hier heeft afgespeeld. Ik vind het heel belangrijk om de slachtoffers te herdenken. Hieronder heb ik een aantal boeken verzameld die veel vertellen over hoe het er in het Nationaal Holocaust Museum en de Hollandsche Schouwburg in de Tweede Wereldoorlog aan toeging. Deze boeken heb ik gelezen ter voorbereiding aan mijn bezoek aan het museum. U kunt de meeste van deze boeken ook kopen in de museumwinkel in de centrale hal van het museum.
Praktische informatie
Overige informatie
- Het Nationaal Holocaustmuseum is onderdeel van het Joods Cultureel Kwartier (JCK) in Amsterdam. Het Joods Cultureel Kwartier bestaat uit naast het Nationaal Holocaustmuseum uit de tegenovergelegen Hollandsche Schouwburg en het Joods Museum en Joods Museum junior en de Portugese Synagoge (Snoge) bij het Waterlooplein.
- In het Nationaal Holocaustmuseum is het verplicht uw jas en/of tas achter te laten in de garderobe of de kluisjes. Tasjes kleiner dan A5-formaat mogen mee naar binnen.
- Bij de kassa’s van het Nationaal Holocaustmuseum, de Portugese Synagoge en het Joods Museum zijn de entreetickets te koop voor alle locaties in het Joods Cultureel Kwartier. Het entreebewijs is 1 week geldig: u kunt binnen 1 week de locaties éénmaal bezoeken.
- In het Nationaal Holocaustmuseum kunt u een gratis audiotour meekrijgen. U krijgt veel achtergrondinformatie tijdens het luisteren.
- Het maken van foto’s zonder flits is toegestaan.
- In het Joods Cultureel Kwartier kunt u alleen met uw pinpas en gangbare creditcards betalen.
- In het Nationaal Holocaustmuseum kunt u een rolstoel lenen. Het is raadzaam deze van tevoren te reserveren.
- In het Nationaal Holocaustmuseum is een lift aanwezig. Er zijn overal aangepaste toiletten aanwezig. De doorgangen zijn minimaal 80 cm breed en hebben geen drempels.
- In het museumcafé worden Joodse culinaire tradities gevierd. De spijswetten van het koosjere dieet worden in ere gehouden, wat betekent dat bepaalde combinaties van voedsel en ingrediënten worden vermeden.
- In de museumwinkel zijn vooral boeken te koop die verband houden met de Holocaust en de personen en objecten die in het Nationaal Holocaustmuseum worden belicht.
- Er zijn speciale educatieve programma’s beschikbaar. De op maat gemaakte educatieve programma’s zijn geschikt voor klassen uit het basis- en voortgezet onderwijs en MBO. In het Nationaal Holocaustmuseum zijn educatieve ateliers beschikbaar.
- Voor de ingang van het Nationaal Holocaustmuseum liggen Stolpersteine / Struikelstenen.
Bereikbaarheid
Metro
Halte Waterlooplein (uitgang Nieuwe Amstelstraat) met lijn 51, 53 of 54 of Rokin met lijn 52.
Tram
Tramlijn 14, uitstaphalte Artis.
Auto
U neemt vanaf de ringweg A10 afrit S116 (noord), S101 (west) of S102 (zuid) en volgt de borden richting Centrum. U volgt de borden P Waterlooplein. Parkeergarages: Waterlooplein, Muziektheater/Stadhuis en Markenhoven. Een andere mogelijkheid is om uw auto bij de P+R bij de RAI te parkeren en vandaar per tram verder te reizen naar het centrum. Parkeren in Amsterdam is duur. U kunt het beste met het openbaar vervoer reizen.
Entree
Tickets voor het Nationaal Holocaustmuseum en de Hollandsche Schouwburg
Volwassenen: € 20,– per persoon.
Kinderen 13 t/m 17 jaar: € 8,– per persoon.
Kinderen 6 t/m 12 jaar: € 6,– per persoon.
Kinderen t/m 5 jaar gratis.
Museumkaart: gratis.
Uw ticket is één week lang geldig.
Tickets aan de kassa op locatie zijn € 2,– duurder.
Tickets voor het Joods Cultureel Kwartier:
Volwassenen: € 30,– per persoon voor alle 4 locaties.
Kinderen 13 t/m 17 jaar: € 8,– per persoon.
Kinderen 6 t/m 12 jaar: € 6,– per persoon.
Kinderen t/m 5 jaar gratis.
Museumkaart: gratis.
In het Joods Cultureel Kwartier kunt u met één ticket terecht bij de verschillende locaties: het Nationaal Holocaustmuseum, de Hollandsche Schouwburg, het Joods Museum en de Portugese Synagoge. Uw ticket is één week geldig.
(Prijzen zijn van 2025).
Openingstijden
Dagelijks: 10.00-17.00 uur.
Op Joodse feestdagen, zoals Rosj Hasjana en Jom Kipoer in oktober, is het Nationaal Holocaustmuseum gesloten.
Koningsdag (27 april): gesloten.
Sinterklaas (5 december), Kerstavond (24 december), 1e kerstdag (25 december) en Oudjaarsdag (31 december): 10.00 – 16.00 uur.
Nieuwjaarsdag (1 januari): 12.00 – 17.00 uur.
Adres
Nationaal Holocaustmuseum
Plantage Middenlaan 27
1018 DB Amsterdam
Telefoon: 020 – 531 03 10
E-mail: service@jck.nl
Website:
Sociale media
Meer lezen over de bezienswaardigheden in Amsterdam
Wilt u nog meer voorpret of u nog meer verdiepen in Amsterdam? Dan kan ik u onderstaande reisgidsen aanraden:
Bewaar op Pinterest





