Header Texel 2017 / Copyright © JTravel.nl

Programma voor vandaag:
Vandaag een bezoek aan Oosterend en de natuurgebieden Wagejot, De Bol met Molen het Noorden en Utopia.

Overnachting: Hotel Beatrix - De Koog. (Voor foto's van het hotel, zie Foto's Hotel Beatrix).



Ik was gisteren zo moe dat ik direct in slaap ben gevallen, maar vanochtend ben ik weer veel te vroeg wakker. Het is nog maar 06.00 uur als ik op de wekker kijk. Maar ik heb nog weer geslapen, gelukkig. Om 08.40 uur sta ik op en kleed ik me aan. Ik ben voor de verandering de eerste bij het ontbijt. Na mij komen nog gasten van twee kamers en dat is het. Als ik dat geweten had, had ik mijn gewenste foto’s kunnen maken. Maar donderdag schijnt het ook rustig te zijn. Als ik, na het eten van een croissant en een kaiserbroodje met kaas (er zijn geen pistoletten vandaag), koffie en een jus d’orange, weer naar boven loop, pak ik mijn spullen bij elkaar en kijk ik nog even in de krant en naar de weersverwachting op mijn tablet. De voorspelling is dat er vandaag een harde wind staat. Ik besluit mijn jas mee te nemen, want zo warm voelt het nu nog niet en ik moet een eind fietsen naar de andere kant van het eiland. Oosterend staat vandaag op het programma.

Het Wijnhuis in Oosterend

Ik vertrek om 10.00 uur. Ik heb voor de heenreis een route uitgestippeld die gaat via de Ruigendijk, de Limietweg, een stuk Schorrenweg, de Gentweg naar Oosterend. Ik rijd Oosterend binnen via de Bijenkorf, de weg waar ik vorig jaar uit en in de Texelhopper stapte. Ik fiets dwars door Oosterend naar het centrum. Het is ongeveer 10.49 uur als ik in het centrum van Oosterend aankom. Tegenover de Spar supermarkt stal ik mijn fiets. Ik maak een wandeling door het dorp, de Leitjesroute. De Spar en het naastgelegen Wijnhuis zijn het beginpunt van deze Leitjesroute. Tegenover de Bistro 't Kerckeplein staat een bankje waar ik een pauze neem en wat drink. Het boekje met de wandeling heb ik eerder deze week al gekocht bij Texel Zoo.

 

Ik loop het Wijnhuis in. Dit om hier rond te kijken. In het boekje wordt verteld over de tegels aan de muur. De medewerkster vertelt me, dat in de wijnkelder een altaar is te vinden, die tijdens werkzaamheden ontdekt is. Ik neem een kijkje in de kelder en zie inderdaad het altaar. Groot is het niet en ook niet heel herkenbaar als altaar. Als ik hier uitgekeken ben, vervolg ik mijn wandeling en loop langs de Maartenskerk. Helaas gaat deze kerk pas om 13.30 uur open. Daar wacht ik niet op.

 

Onderstaand de Leitjesroute, deze route van 1,65 kilometer is vanuit het gekochte boekje overgetypt.

De Leitjesroute in Oosterend

Leitjesroute – Oosterend

Startpunt: voor de supermarkt aan de Kerkstraat.
Eindpunt: Peperhof, Peperstraat 7, Oosterend

De Maartenskerk in het centrum van Oosterend

1. We lopen de Kerkstraat in.
De Maartenskerk in Oosterend is Texels oudste kerk. Het oudste gedeelte stamt uit het begin van de 11e eeuw. De vloer van de kerk bestaat voor een deel uit grafstenen. Vroeger werden welgestelde of voorname mensen vaak in de kerk begraven. Als je bedenkt dat deze grafstenen soms verzakten en er dan een vreselijke geur bovenkwam, zou je denken te weten waar de uitdrukking 'rijke stinkerds' vandaan komt... Arme mensen werden buiten op het kerkhof begraven. Of dat kerkhof ook voor andere doeleinden werd gebruikt, is niet zeker maar het zou best kunnen. In de beroepsbrief van de predikant in 1880 stond bijvoorbeeld dat hij gerechtigd was een melkgeit op het kerkhof te houden.

Kerkstraat 11 is in 1650 gebouwd als kosterswoning. Driehonderd jaar later stond het er haveloos bij, tot ergernis van de Oosterender bevolking, die er 'wij dulden geen krotten in Oosterend' op schilderden. Bij de restauratie in 1968 werd het aan de buitenkant in oude staat teruggebracht en binnen verbouwd tot wijnhuis en slijterij met een enorme wijnkelder. Hierbij werd zoveel mogelijk oud materiaal gebruikt. Eén wand kon bezet worden met oude tegeltjes die in verschillende vertrekken van het huisje gevonden werden. Bij het sloopwerk werden dichtgemetselde huisaltaartjes gevonden. De mooiste werden opnieuw aangebracht in de wijnkelder. Wijnhuis Texel is zeker een bezoek waard.

2. Linksaf gaan we de Koetebuurt in.
'What's in a name? De naam van deze straat heeft de gemoederen in de vorige eeuw flink bezig gehouden. In 1927 werd de naam 'Koetebuurt' veranderd in 'Hoekstraat', omdat de Wierstraat erbij hoorde en de straat dus in een hoek liep. In 1958 kreeg de Wierstraat zijn eigen naam en werd de Hoekstraat weer de Koetebuurt. De bewoners waren het daar helemaal niet mee eens! Een Koet is een domme vogel en het woord 'buurt' maakte een ongunstige indruk vond men. Verschillende bewoners hielden gewoon de naam 'Hoekstraat' aan als hun adres. Bijna 15 jaar lang bleef de dorpscommissie aan de gemeente vragen om de naam toch terug te veranderen in 'Hoekstraat'. Tevergeefs.

Een straatje in Oosterend

3. We slaan linksaf de Verlorenkost in.
Voordat de straat bebouwd werd, was hier een weiland en waarschijnlijk was dat een slecht weiland want het droeg toen al de naam 'Verlorenkost'. Het kostte meer dan het opbracht. De kleine eenvoudige huisjes in dit straatje zijn kenmerkend voor Texel. De mensen hadden het niet breed en bouwmaterialen waren duur. Het land was schraal en er groeiden maar weinig bomen. Toch beschikte men wel over hout, namelijk juthout van het strand. Als een schip voor de kust verging of bij een harde noordwesterstorm de deklading overboord sloeg, spoelde er van alles aan op het strand. Regelmatig was dat hout, dat dan vaak werd gebruikt bij de bouw van huizen en schuren. Zo zijn er nog steeds huizen in Oosterend te vinden waar de balken gemaakt zijn van scheepsmasten.

Aan het eind van de Verlorenkost staat een beeld voor de vissersvrouwen, gemaakt door de Oosterender kunstenares Anna de Visser. De vissersvrouw vervulde een belangrijke taak. Door de week stond ze alleen voor de zorg van de kinderen en op vrijdag werd alles geboend en geschrobd zodat manlief in een 'skoon huus' kwam. Op zaterdagochtend stond ze, samen met de andere vrouwen op de 'uutkiek' waar ze de mannen aan konden zien komen als zij vanuit Oudeschild naar huis kwamen lopen.

4. Naast het beeld is een smal pad met een windroos in het plaveistel, hier gaan we in.

5. Daar waar het voetpad aansluit op de parkeerplaats, gaan we linksaf 't Hof in.
Deze nieuwe wijk is vernoemd naar de boerderij die hier vroeger stond. Na vijftig meter komen we bij het Jeu-de-boulesveld, waar de dorpelingen op woensdag en zaterdag een balletje gooien en nieuwtjes uitwisselen.

6. Vlak voor de jeu de boulesbaan nemen we het voetpad naar links.
Het is duidelijk dat merken dat we omhoog lopen. Het centrum van Oosternd ligt op een keileemhoogte uit de derde IJstijd die door latere ophoging is uitgegroeid tot een terp.

7. Aan het eind van dit pad slaan we linksaf de Peperstraat is.
De Peperstraat is de oude Dorpsstraat van Oosterend. De naam 'Peper' in een straatnaam verwijst vaak naar de vroeger dure specerij. Denk maar aan de term 'peperduur'. In de Peperstraat komen we langs de Peperhof. Hier is een nostalgisch winkeltje ingericht. Ondanks het bescheiden aantal inwoners, waren er opvallend veel kleine winkeltjes in Oosterend. Zo'n pakweg 60 jaar geleden waren er vijf kruidenierswinkels, vier bakkerijen, twee slagers, twee groenteboeren, een zuivelwinkeltje, een schoenenzaakje, twee winkeltjes met tabakswaren, twee winkeltjes met manufacturen, textiel en kleding, een winkeltje met aardewerk en huishoudelijke snuisterijen waar jong en oud ook boeken konden lenen en een winkel waar men potten, pannen en elektrische waren kon aanschaffen. Hoe al die kleine baasjes met hun kinderrijke gezinnen de touwtjes aan elkaar wisten te knopen, valt achteraf wel een moeilijk te begrijpen. Niet alleen vader maar ook moeder en de kinderen waren altijd in de weer voor de zaak. De klanten kwamen lang niet alleen overdag. Na sluitingstijd was het ook een komen en gaan van mensen die 'achterom' kwamen. Het kleine pakhuis achter de winkel puilde altijd uit, dus stonden de dozen met artikelen in de keuken, in de gang, in de woonkamer en soms zelfs onder de bedden van de kinderen. Jan Brouwer heeft in 2012 een boek geschreven, getiteld '225 jaar bedrijvigheid in en om Oosterend.
We lopen rechtdoor tot bij de voormalige Doopsgezinde kerk (de Vermaning) aan de rechterkant. Meestal zijn Doopsgezinde kerken schuilkerken, zo genoemd omdat ze aan de buitenkant niet als zodanig te herkennen zijn. Indertijd was het Doopsgezinden verboden hun kerk van een toren of kerkklokken te voorzien. Het gebouw, daterend uit 1550, is prachtig gerestaureerd en wordt tegenwoordig gebruikt als muziekcentrum, als trouwlocatie en als congresruimte.

Het beeld van de schapen in Oosterend

8. We vervolgen onze weg rechtsaf door de Oranjestraat.
Op de hoek van de Oranjestraat, staat een bronzen beeld van een schaap met twee lammetjes, gemaakt door F. Voskuil en aan het dorp geschonken door de stichting Oosterend Present in 1978. Halverwege de Oranjestraat, tussen de huisnummers 14 en 16, gaan we even het doodlopende pad in naar een oase van rust: de Muzieknis. Hier viert het dorp Koningsdag en op de derde zaterdag van augustus is er Strenderpop. Dit festival is gratis en staat bekend om zijn ongedwongen sfeer. De muzikanten hebben allemaal een binding met Texel

9. We slaan rechtsaf de Koetebuurt in.
Rond 1870 woonde Jawik (de Brander) Boon in de Koetebuurt. Het was een geheimzinnige knaap, niemand wist hoe hij aan de kost kwam. Het verhaal luidt dat hij iemand met zijn boot naar de overkant zou brengen. Na enige uren kwam hij terug en vertelde dat zijn passagier overboord geslagen was. Dezelfde avond spoelde het lijk aan bij de dijk, zonder papieren of geld...Acht jaar later was er weer een verdacht sterfgeval met Jawik als hoofdverdachte. Ditmaal had hij zijn broer, van wie hij zou erven, getrakteerd op koffie met koek. Kort na het bezoek werd de broer ziek en stierf. De dokters constateerden vergiftiging.

10. Linksaf de Wierstraat in.
De naam 'Wierstraat' verwijst naar de geschiedenis van de Wiervisserij. Bij de wiervisserij werd het gedroogde wier in balen van 50 kilo geperst en opgeslagen in wierschuren. In die tijd hielden de zeelieden zich bezig met de walvisvaart en later met de oestervisserij. Wier of zeegraf uit de Waddenzee leek een belangrijke bron van inkomsten te zijn. Het wier werd bij laag water 'gemaaid' en op de weilanden aan de Waddendijk gedroogd. Dit wier voorzag in vele toepassingen, als vulmateriaal voor matrassen en stoelen bijvoorbeeld maar ook ongedroogd gebruikt als wierriem om de dijken te versterken. In de zomer en het najaar zorgde deze wiervisserij zowel op Wieringen als op Texel voor grote bedrijvigheid en extra inkomsten voor zowel vissers als boeren.

11. Op de Achtertune gekomen slaan we rechtsaf.

12. Hier gaan we rechtsaf de Kerkstraat in.

De Blazerstraat in Oosterend

13. Vervolgens slaan we linksaf de Blazerstraat in.
De blazer is een Fries platboomd vissersschip, oorspronkelijk gebruikt voor de visserij op het noordelijk deel van de Zuiderzee en rond de Waddeneilanden. Een zwaar gebouw stoer schip met een brede kop, matige zee en vrij hoog achterschip. Voor de mast is het schip overdekt, erachter helemaal open. De Noordzeevissers hadden een groot formaat blazer nodig om langer op zee te kunnen blijven. Waddenvissers bleven dicht onder de kust en visten met kleinere blazers. De bemanning bestond uit drie personen, waarvan de jongste een kind was van ongeveer negen jaar (koksmaatje). Oosterenders gingen als eersten met de blazers de Noordzee op. Dit vaartuig is van ongeveer 1850-1950 in gebruik geweest.

14. Nu gaan we rechtsaf de Oesterstraat in.
Op Oesterstraat 21 bevond zich vroeger 'Het wapen van Amsterdam'. Dit logement had een belangrijke functie in het dorp. Zo werd er bijvoorbeeld vergaderd door de vereniging 'Nut en Genoegen' die allerlei feesten en uitvoeringen organiseerde, meestal met een bal na. Eén keer liep het uit de hand. Er waren twee artiesten uitgenodigd uit Den Helder. De uitvoering was niet van een erg hoog niveau en al gauw begonnen de jongelui, die achter in de zaak zaten, zich te misdragen. Spuugzat van het geklier klom meester Daalder, de voorzitter van de vereniging, op het toneel en verkondigde dat de jongelui geroyeerd zouden worden. Meester Daalder had een lijst gemaakt met de namen van deze leden en stelde in de eerstvolgende vergadering voor 'het kaf van het koren te scheiden'. Juist zou meester Daalder met een hamerslag het besluit bekrachtigen, toen de kastelein naar voren kwam. Hij had de discussie vanachter zijn tapkast gevolgd en zei: "Luister goed naar me. Ik vind het goed om het kaf van het koren te scheiden, maar ...hou er wel rekening mee, dat ik het kaf hier houd en dat het koren een andere gelegenheid moet zoeken. Je begrijpt zeker wel, dat ik van jullie wijntje van negen stuivers niet kan bestaan." Zonder een antwoord af te wachten draaide de kastelein zich om, liep naar de tapkast en schonk zich een borrel in. Na een lange stilte zei meester Daalder tenslotte: "Neem me niet kwalijk, daar had ik nooit aan gedacht". Nooit is er meer over het voorval gerept.
De Oesterstraat gaat over in de Vliestraat, we lopen rechtdoor. In de Vliestraat vindt u de Katholieke Kerk van Oosterend.

15. Voor de kerk gaan we linksaf de Schoolstraat in.
De Schoolstraat werd vroeger de Kneppelbuurt genoemd omdat daar, in de tijd van de kermis, het koekknuppelen plaatsvond. Dit was het spel waarbij 'blauwe koeken' (zeer taaie kleikoek) door één persoon met twee vuisten stevig aan de einden werden vastgepakt. Een andere knuppelde er met zijn vuisten zo had mogelijk tegenaan, zodat de koek er met zo weinig mogelijk klappen tussenuit spatte. De stukken werden door de omstanders snel opgepeuzeld.
We lopen de Schoolstraat in tot aan het weiland. Hier heeft u een mooi uitzicht op de omgeving. Aan het eind van de Schoolstraat staat de kerk van de Gereformeerde Gemeente. Vroeger was het de school waar meester Daalder 45 jaar lang hoofdmeester was. Over deze periode heeft zijn zoon D.L. Daalder een boek geschreven, 'Fijn en grof', dat verhaalt over zijn omgang tussen de verschillende geloofsgemeenschappen in Oosterend. De gereformeerde kinderen van de 'de fiene' en de doopsgezinde en hervormde kinderen van 'de grove' hadden het vaak met elkaar aan de stok.

16. We lopen terug en gaan de steeg in.

 

17. Aan het einde van de steeg slaan we rechtsaf en lopen het Kerkplein op.
Veel oude gebruiken zijn in de loop der jaren verloren gegaan. Zo was er een gebruik in Oosterend, dat de 'beurs' werd genoemd. De 'beurs' was geen gebouw, waar handel gedreven werd of effecten werden verkocht. Nee, de 'beurs' was de naam van een groep mannen, die 's avonds bijeenkwamen om een praatje te maken. Het waren hoofdzakelijk vissers, meestal werd er dus over visserij gepraat. De 'beurs' op het Kerkplein had tevens tot doel om op de barometer de weersomstandigheden te kunnen bekijken. Deze barometer is in 1890 geplaatst door de Visserijvereniging. In die tijd zonder radio of internet was het natuurlijk belangrijk voor de vissers met hun kwetsbare blazers om de stormen te kunnen voorspellen. Het weerglas werd daarom nauwkeurig in de gaten gehouden. Om de veranderingen goed te kunnen volgen, werd elke morgen het losse pijltje met het aangevende pijltje gelijk gezet.
Het beeld van de beurzende vissers is tot stand gekomen dankzij de opbrengst van de visrookwedstrijd die elk jaar rondom de kerk gehouden wordt. Het is gemaakt door de Oosterender kunstenares Anna de Visser, die ook het beeld van de vissersvrouwen in de Peperstraat heeft gemaakt.

18. Hier gaan we linksaf richting de Spar.
Voor de Spar gaat u linksaf en loopt u de Peperpstraat in tot aan de Peperhof. Hier eindigt deze rondwandeling.

De Peperhof is een informatiecentrum en tevens expositieruimte met steeds wisselende tentoonstellingen. Ook starten vanuit dit centrum andere wandelingen en fietsroutes in de omgeving.

Een tuunwal tijdens het Boerenommetje nabij Oosterend

 

Ik vervolg mijn route en maak onderweg de nodige foto's. Wat mij opvalt is dat hier in Oosterend ontzettend veel stokrozen in allerlei kleuren bloeien. Ik loop verder langs de leuke straatjes en huizen, langs de Peperhof die ook nog gesloten is, langs het beeld van de vissersvrouwen en de schapen. Bij de Achtertune zie ik de passiebloemen weer. Het is in dit kleine dorp druk met fietsers. Ik loop weer verder langs de kerk en via de katholieke kerk terug het centrum in. Dan ben ik klaar met mijn route. Oosterend is een leuk dorp, zeker als je, zoals ik nu, een wandeling maakt, en ook de uitleg onderweg leest.

Het is etenstijd, en omdat ik nog geen brood gekocht heb, loop ik de plaatselijke Spar binnen om hier twee koffiebroodjes en een chocoladebroodje te kopen. Ik haal mijn fiets op en loop naar een bankje aan de Achtertune, die ik tijdens mijn wandeling ben tegengekomen. Al etend bekijk ik mijn plattegrond om te zien hoe ik moet fietsen naar de Heemtuin, dat is niet moeilijk, de route gaat via de Oranjestraat en Peperstraat. Als ik dan onderweg ben staat de Heemtuin, zeker van de kant waar ik vandaan kom, niet goed aangegeven. Ik fiets de tuin dan ook bijna voorbij. Ik zou niet veel gemist hebben als ik er voorbij gefietst zou zijn, want het stelt ook niet veel voor, vind ik. Als ik weer op de fiets stap, zie ik dat er wel een bord staat, maar zo dat je die bijna voorbij rijdt als je vanuit het dorp komt.

 

Ik rijd het Boerenommetje. Een deel langs de dijk is niet te fietsen, omdat je over het gras rijdt, je mag hier wel fietsen, maar mij lukt het niet. Ik maak hier een stop, maar er is niet veel te zien en de dijk achter mij mag ik niet op, er zit gaas tussen mij en de dijk. Ik fiets verder en maak een stop bij tuunwallen, iets typisch Texels. Ik fiets door naar het buurtschap Oost, daar ben ik zo doorheen, ook dat stelt niet veel voor.

Ik fiets in de richting van de dijk en hier kan ik eindelijk aan de andere kant van de dijk komen. Ik rijd een eindje in zuidelijke richting, maar veel is hier niet te zien, de zee en een paar vogels. Ook nu zit de afgesloten dijk tussen mij en de zee en ik wil erachter kijken, maar dat kan hier niet. Ik fiets terug en fiets naar het natuurgebied Wagejot. Hier bevinden zich veel vogels, waaronder de kluut, nijlgans, tureluur en veel scholeksters. Ik loop een heel stuk langs het gebied. Mijn fiets heb ik bij een parkeervak met een bankje neergezet en daarna ga ik een stuk lopen. Het zijn veel dezelfde soorten vogels.

Een kluut in natuurgebied Wagejot Een tureluur in natuurgebied Wagejot Een nijlgans in natuurgebied Wagejot Natuurgebied Utopia

Molen het Noorden in natuurgebied De Bol

Terug bij de fiets, rijd ik in de richting van natuurgebied De Bol en de Molen Het Noorden, die vanaf de Wagejot al te zien is. Onder aan de trap om de dijk op te komen, zet ik mijn fiets neer. Ik neem een kijkje op de dijk, maar daar is niet zo veel te zien. Het gebied rond de molen is interessanter. Er loopt een smal pad naar de molen en ik loop dit pad af. Als ik naar de overkant van het water in mijn verrekijker speur, zie ik daar lepelaars en aalscholvers. Een eindje verder zitten grauwe ganzen en een paar lepelaars. Geweldig. Ik denk niet dat veel mensen de moeite nemen om hiernaartoe te lopen. Weer terug bij de fiets, rijd ik nog een stukje in noordelijke richting en wil dan de Stuifweg oprijden om naar De Koog terug te gaan, maar ik zie rechts heel veel vogels en keer om en rijd het gebied in. Dit is natuurgebied Utopia. Dit natuurgebied hoort al bij De Cocksdorp. Hier zitten ook weer verschillende vogelsoorten, waaronder meeuwen en sterns.

Als ik uitgekeken ben, fiets ik terug naar De Koog. Tegen de wind in fiets ik via de Stuifweg en Oorsprongweg naar het buurtschap Midden-Eierland. De weg gaat verder via de Hoofdweg en een deel van de Slufterweg. Ik fiets mijn route trapsgewijs, dit omdat ik de wind tegen heb. Ik heb er veel last van. Vanaf de Slufterweg fiets ik de Postweg op en voorbij het vliegveld. Direct na het vliegveld fiets ik via de Muyweg weer een stuk in de richting van de kust. Dan ben ik op de weg die naar De Cocksdorp gaat en de andere kant op in De Koog uitkomt. Het laatste stuk gaat langs het natuurgebied De Muy. Dit deel valt mij ontzettend zwaar. Maar dan is daar eindelijk De Koog. Ik heb er ongeveer een uur over gedaan, want om 16.57 uur ben ik op mijn kamer. Hier ga ik eerst een poosje op het balkon zitten om bij te komen, ik ben kapot op dat moment.

Na een tijdje gaat het wel weer en heb ik weer puf om te internetten en een toetje te eten. Als ik daar mee klaar ben, stap ik onder de douche, want voel me vies en zweterig. Na deze verkwikkende douche, check ik mijn e-mail, het is niet veel bijzonders. Dan is het etenstijd. Ik heb een geitenkaassalade in de koelkast staan, die ik klaar maak en opeet. Na het eten ruim ik mijn spullen op en type dit reisverslag. Buiten regent het inmiddels. Voor ik ga slapen bekijk in nog foto's op Instagram en surf een beetje op internet. Om 22.10 uur gaat het licht uit, ik heb niets eens de puf om nog in mijn boek te lezen.

Het weer: half bewolktbewolkt, af en toe zon en veel wind; ± 20° C


 

Volg JTravel op Facebook, Instagram, Twitter, Pinterest en Bloglovin’.

 

Bewaar op Pinterest


Op dag 6 van mijn verblijf op Texel breng ik een bezoek aan Oosterend, wandel ik de Leitjesroute en fiets ik langs de natuurgebieden Wagejot, De Bol met Molen het Noorden en Utopia. Alles over de zesde dag van mijn verblijf op Texel lees je hier. Lees je mee? #texel #nederland #waddeneiland #oosterend #leitjesroute #wandelen #utopia #debol #wagejot #molenhetnoorden #natuurgebiedentexel #reisverslag #jtravel #jtravelblog

 

Deel dit artikel

Reacties mogelijk gemaakt door CComment