Header Thailand / Copyright © JTravel.nl



Bergvolken

Meo (Hmong)
De Thaise groep telt ongeveer 60.000 leden. Zij wonen in 148 dorpen. Hmongdorpen worden gebouwd op grote hoogten, onder de top van een beschermende berg. De Hmong-huizen staan niet op palen. De woonverdieping ligt iets hoger en daaronder bevindt zich een soort souterrain of kelder voor het opslaan van voedsel. De Hmong leven in grote families, de huizen hebben daarom twee of meer slaapkamers en een veranda. De kleding van de Hmong is rijkelijk versierd met schitterend borduurwerk en zilveren sieraden. Blauwe Hmong vrouwen dragen geplooide rokken met rode, blauwe en witte strepen, voorzien van ingewikkeld, wit borduurwerk. De mantels of jasjes zijn van zwart satijn, met brede oranje en geel geborduurde manchetten en revers. Witte Hmong-vrouwen dragen zwarte flodderige broeken met een lange en brede blauwe cummerbund (band, sjerp). De jasjes zijn simpel, met blauwe manchetten. De Hmong mannen maken kruisbogen, muziekinstrumenten en andere voorwerpen van hout, bamboe en rotan.

Karen
De Karen-vrouwen staan bekend om hun weefkunst en vaardigheid op het weefgetouw. Elke substam van deze grote etnische groepering heeft zijn eigen specifieke klederdracht. Ongetrouwde meisjes dragen wijde witte bloezen met v-halsen, vaak versierd met graszaadjes op de naden. Getrouwde vrouwen dragen bloezen en rokken in felle kleuren, maar overwegend blauw en rood. De mannen dragen blauwe, wijde broeken met een rood of blauw shirt, een vereenvoudigde versie van de blouse van de vrouwen. Karen-mannen vervaardigen muziekinstrumenten, unieke tabakspijpen en talloze andere voorwerpen.

Hmong bergvolk Palong bergvolk Lahu bergvolk
Hmong Palong Lahu

Palong
De Palong zijn gemakkelijk te herkennen aan de opvallende klederdracht van hun vrouwen, rode gewaden (sarongs) met daarop een blauw jasje met rode kraag en om het middel een brede zilveren band.

Lahu
Lahu-huizen zijn gebouwd op hoge palen, met wanden van bamboe en planken. De daken zijn gedekt met gras. Een ladder leidt naar een open centrale ruimte, met aan de ene kant de voorraadkamer en aan de andere kant de woonvertrekken. De Lahu-vrouwen zijn bekwaam in het weven van stoffen en het maken van zeer fijne lapjesstof (ook voor jasjes) en opvallend borduurwerk. De vrouwen van de zwarte Lahu dragen de mooiste klederdracht van alle Lahu-stammen: een zwarte mantel met diagonale, roomkleurige strepen. De bovenkant van de mouwen is versierd met fel rode of gele kleuren. De rode Lahu-vrouwen dragen zwarte, met wit afgezette broeken. De mouwen zijn lichtgekleurd, met brede rode en blauwe strepen. Alle andere Lahu-stammen hebben hun traditionele dracht vaak aangevuld met een gewoon Thais shirt of sarong. Zowel de mannen als de vrouwen zijn maken de mooiste manden die u in Thailand kunt vinden. Lahu-mannen maken daarnaast nog kruisbogen, muziekinstrumenten en andere voorwerpen van hout, bamboe of rotan.

Yao/Mien
De Yao zijn de enige bergstam met een geschreven taal. Yao-dorpen bevinden zich meestal op de lagere heuvels. De van planken gemaakte huizen liggen vaak aan een modderige weg. Voor bezoekers beschikt elk Yao dorp wel over een gastenverblijf die gemaakt is van bamboe. De Yao-vrouwen staan bekend om hun schitterende kruissteek-borduurkunst, die de traditionele kleding siert. De kleding is opvallend: een lange zwarte jas, afgezet met wollen scharlaken (rode) revers, met daaronder een ruimvallende broek met ingewikkelde patronen. Op het hoofd een met borduurwerk versierde zwarte tulband. De Yao-zilversmeden produceren sieraden van hoge kwaliteit.

Mien bergvolk Longneck bergvolk Omaatje in de korte minirok van het Akha bergvolk
Mien Longnecks Akha

Longnecks
De Longnecks behoren tot de Karenstam. De vrouwen krijgen vanaf hun 4e levensjaar een set koperen ringen om de nek die ieder jaar wordt aangevuld met enkele nieuwe ringen. Zodoende wordt ieder jaar de nek een stukje langer.... In feite wordt de borstkas naar beneden gedrukt De nek wordt hierdoor quasie-lang en kwetsbaar. Het gerucht dat ze ringen dragen omdat ze vroeger werden aangevallen door tijgers, en de nek een zwakke plek is, is nooit bewezen. De Longnecks dragen niet alleen ringen om de nek, maar ook om de armen en benen. Sinds een aantal jaar, zijn de Longnecks een officiële attractie in Thailand geworden.

Akha
De Akha zijn een van Tibeto-Birmaanse oorsprong en zijn met ongeveer 50.000 leden. Ze leven op vrij grote hoogte in de noordelijke provincies. De grootste concentratie Akha-dropen ligt in Chiang Rai, gevolgd door Chiang Mai. In de kringen van de Thaise regering wordt deze stam als de meest primitieve groep beschouwd, want ze kunnen noch lezen noch schrijven. Hun dorpen zijn herkenbaar aan de prachtige uit hout gesneden toegangspoorten waarover gewaakt wordt door beschermheiligen (geesten). De Akha vullen het inkomen aan door het traditionele handwerk (kleren en gebruiksvoorwerpen) te verkopen aan toeristen. Vrouwen dragen brede broeken, een korte zwarte rok, daarop een wit met kralen versierd tasje en een los zwart jasje met geborduurde manchetten en revers. De zwarte mutsen zijn versierd met zilveren munten, zilveren schijfjes, oude munten, zilveren balletjes en kralenkettingen.


Voor meer foto's van de bergvolken, zie: foto's Chiang Mai en omgeving.

Voor meer foto's van de Akha bergstam: zie foto's Chiang Rai en omgeving.



Volg JTravel op Facebook, Instagram, Twitter en Pinterest.



Deel dit artikel: